Voorbeschouwing Sonic Connections

by Love Like Birds

door Ivo Victoria

Voorbeschouwing Sonic Connections

DE TERUGKEER NAAR HET INTIEME

Met het oog op de volgende editie van het alternatieve pop- en rockfestival Sonic Connections laat schrijver Ivo Victoria zijn gedachten gaan over de terugkeer naar het intieme in de muziek.
door Ivo Victoria

Het was een lome zondagmiddag en de radio stond aan. Mijn lief en ik waren in gesprek en plots viel dat gesprek dood. Door de kamer zweefde een dromerige meisjesstem ondersteund door een akoestische gitaar en spookachtige backing vocals, als de stemmen van geesten.

We luisterden het nummer helemaal uit, terwijl we elkaar aankeken, en aan het eind legde ik mijn oor tegen de speaker om de afkondiging niet te missen: Love Like Birds, zei de presentatrice.

Mijn lief en ik hervatten ons gesprek terwijl ik naar de laptop liep en twitterde dat ik het liedje Heavy Heart van Love Like Birds had gehoord en dat het zo mooi was. Een uurtje later zag ik dat Love Like Birds dat bericht retweette. Ik klikte door naar de website en zag een lieve, handgetekende flowchart die uitlegde hoe je een ep-tje kon bestellen. Dat deed ik. De volgende dag mailde Elke De Mey mij haar bankgegevens en ik vroeg wanneer ze een keer in Amsterdam speelde. Op Sonic Connections, was het antwoord. Een week later lag de ep in de bus.

Wat in dit verhaal níet strookt met de tijdgeest is dat ik Love Like Birds voor het eerst hoorde op de radio. Ik luister zelden radio. Wel ben ik lid van een clubje muziekliefhebbers met een honderdtal leden die elkaar middels een gesloten Facebookgroep coole platen, nieuwe bands en interessante concerten tippen. Eens in de zoveel tijd worden er (thema)compilaties gemaakt en gedeeld. Wat zij mij vertellen is veel waardevoller dan de door marketing beïnvloedde radioplaylist. Ik ken hen, weet wiens smaak bij de mijne past en wie mij vaak verrast. Wanneer ik de eindejaarslijstjes scan, blijk ik zelden iets te hebben gemist, integendeel: er is altijd een handvol mooie albums die mijn playlist wél heeft gehaald maar die van de zogenaamd toonaangevende media niet.

Ik heb de radio niet meer nodig, mijn vrienden zijn mijn radio. En ik ben daarin niet de enige. Begin 2010 beklaagde popjournalist Gijsbert Kamer zich in de Volkskrant over het verdwijnen van de collectieve factor van popmuziek. Zelden zijn liedjes nog wereldwijd een hit en het ‘wij’-gevoel dat acts als the Beatles, Elvis, Michael Jackson of U2 opriepen is verdwenen. Volgens Kamer ‘het failliet van de popmuziek.’ Veel muziekliefhebbers denken daar anders over.

Wie sociale netwerken als Twitter of Facebook volgt, ziet dat muziek nog steeds verbindt, niet doordat we met zijn allen achter diezelfde act aan lopen, maar wel omdat we graag onze nieuwe vondsten met elkaar delen, onze gemoedsgesteltenis van een soundtrack voorzien, onze persoonlijkheid illustreren, onze hoop, liefde en angst vaak beter kunnen uitdrukken door middel van een liedje dan met woorden. Deze terugkeer naar het intieme is dus geen terugkeer naar individualisme. Bij elke band hoort een verhaal, en een liedje is een gevoel, een plek, een gebeurtenis die wij graag met anderen delen. Zoals Love Like Birds een heerlijk lome zondagmiddag was in Amsterdam-Oost.

Het is niet louter een technische zaak van iPods, iTunes playlists en social media die onze persoonlijke muziekbeleving verandert. Neem de live ervaring. Relatief kleinschalige festivals als Into the Great Wide Open of Le Guess Who die in een unieke omgeving een verrassende programmering neerzetten, floreren als nooit tevoren en creëren een stroom van mooie verhalen die zich in hoog tempo verspreiden. Je was erbij, of je moest erbij geweest zijn. We willen niet meer mee met de massa, maar gaan op zoek naar wat ons écht raakt. En om geraakt te kunnen worden, is nabijheid – letterlijk en figuurlijk – een noodzakelijke voorwaarde.

De huidige, onzekere tijden, waarin de mens in toenemende mate vervreemdt van de grote, abstracte krachten die de wereld regeren – denk aan de banken- en Eurocrisis – spelen daarin zeker een rol. Politiek en maatschappelijk gezien raakt de mens steeds meer in zichzelf gekeerd, en keert hij terug naar eigen land, stad, huis, gezin; terug naar oude normen en waarden die houvast bieden. In de kunsten zie je een zelfde reactie, gedreven door diezelfde vervreemding.

Ook kunstenaars gaan pogen om het onbevattelijke bevattelijk te maken door het terug te brengen tot of te vertrekken vanuit een persoonlijk verhaal. Maar in plaats van in zichzelf te keren, trachten zij vanuit dat persoonlijk verhaal naar buiten te breken. Theatermaker en dichter Marjolein van Heemstra voerde een maand lang Skypegesprekken met drie jongeren die op dezelfde datum als zij werden geboren in een ander werelddeel. Daarna bracht ze met elk van hen een week door. Uit dat materiaal distilleerde ze de veelgeprezen voorstelling Family ’81, ‘een zoektocht naar het grote verbindende verhaal van een generatie’. Een mooi voorbeeld van een terugkeer naar het intieme in vorm, in een poging om inhoudelijk ‘het grote’ te verklaren.

Het Amsterdamse Instituut voor de Loslopende Mens focust zich met tal van ludieke en minder ludieke concepten zoals de Therapeuterette (één-op-één met een therapeut naar keuze) al jaren op ‘mensen die zijn losgeraakt van hun traditionele achtergrond en steeds meer op zichzelf worden teruggeworpen.’ Juist op een massaevenement als Lowlands zijn dat soort intieme programmaonderdelen een doorslaand succes.

Als schrijver merk ik dat individueel contact met de lezer steeds belangrijker wordt – zeker voor de lezer. Huiskamerfestivals (zoals Cult Royale in Schipluiden) en kleedkamervoordrachten (op het Geen Daden Maar Woorden Festival) zijn de meest intense manieren om je verhalen over te brengen. Mensen genieten van deze situaties omdat ze aandacht willen, en betrokkenheid. En ze worden er zelf aandachtiger en betrokken van. De avond dat ik hen verhalen vertelde, wordt een verhaal op zich, dat zij verder verspreiden.

Op Sonic Connections buigen professionals uit de muziek zich over de ‘terugkeer naar het intieme’ tijdens een meeting in samenwerking met Muziekcentrum Nederland. Er dienen zich ook tal van zakelijke uitdagingen voor de culturele sector aan. Organisatoren van grootschalige concerten krijgen het bijvoorbeeld moeilijker omdat door de ‘versplintering’ van de muziekconsumptie steeds minder acts ‘doorgroeien’ naar Ahoy- of stadionniveau. Tegelijk kan een artiest niet overal tegelijk zijn. De inrichting en organisatie van festivals en evenementen zijn veranderd – zij moeten zich steeds meer richten op de unieke ervaring waarnaar de hedendaagse cultuurliefhebber op zoek lijkt te zijn.

Sonic Connection
s organiseerde jaren huiskamerconcerten in samenwerking met Live in Your Living Room. Dit jaar heeft het festival een nieuw podium gecreëerd in de Expozaal van de Brakke Grond, voor zittend publiek. Een mooie zaak voor kwetsbare acts als Love Like Birds die op een groot podium een goeie kans zouden hebben te verzuipen.
Dus in die Expozaal vind je mij straks terug – op de eerste rij,lekker dichtbij. Zodat ik in haar ogen kan kijken, haar vingertoppen de gitaarsnaren zie strelen terwijl ze zingt ‘…a salty sweater full of tears, because I cried so hard…’

De Vlaamse auteur Ivo Victoria was lange tijd werkzaam in de muziekwereld en woont sinds 2002 in Amsterdam. Van zijn hand verschenen twee romans: Hoe ik nimmer de Ronde van Frankrijk voor min-twaalfjarigen won (en dat het me spijt) (2009) en Gelukkig zijn we machteloos (2011).

(http://www.brakkegrond.nl/de_diepte_in/podiumkunst/Artikel_Sonic_Connections_2012_door_Ivo_Victoria/)

Advertisements